Door Simon van de Pol op 9 mei 2014

Kinderpardon en Ledenraad

Op de Politieke ledenraad van 8 mei 2014 in Zwolle heeft Alet van Leeuwen als Edese congresafgevaardigde de actualiteit aangegrepen om de kwestie van de halfbakken uitvoering van het kinderpardon door staatssecretaris Teeven met een motie aan de kaak te stellen.
De actualiteit ontstond doordat de kinderombudsman en veel burgemeesters de vreemde opvatting van Teeven aan de kaak stelden dat de Overheid alleen de rijksoverheid is.
Het kinderpardon werd in de coalitievorming van VVD/PvdA door de PvdA in het regeerakkoord opgenomen. De VVD kreeg in ruil hiervoor de strafbaarstelling van mensen die illegaal in Nederland zijn. Teeven noemde dat ooit het “zuur” van het kinderpardon naast het “zoet” van de strafbaarstelling. De strafbaarstelling werd door Samsom bij de VVD afgekocht tegen lastenverlichting en dit is nu gelukkig van de agenda afgevoerd.
Volgens de staatssecretaris is de uitvoering van het kinderpardon klaar. Maar wat al eerder dreigde is nu klip en klaar: hij maakt onderscheid tussen kinderen onder toezicht van het rijk en andere kinderen, namelijk kinderen die in beeld zijn geweest bij de gemeenten. Die andere kinderen moeten terug, hoewel ze verder aan alle eisen voldoen.
Alet zag dit in februari al aankomen en heeft toen op het PvdA congres een motie ingediend. Het congres had toen nog vertrouwen in een goede afloop en verwierp de motie. Wij hebben daar op deze site (februari) verslag van gedaan.
Op de partijraad van 8 mei heeft Alet spontaan de mogelijkheid aangegrepen om de motie – een tikje aangepast – opnieuw in te dienen en nu werd deze wel aangenomen. De Partijraad vindt het ook zot dat de overheid die in Nederland toch bestaat uit Rijk-, Provincie- en gemeentelijke overheid nu opeens alleen maar Rijk is.
De op 8 mei aangenomen motie luidt in essentie als volgt:
Roept de Tweede Kamerfractie, PvdA bewindspersonen en het Partijbestuur op:
Ervoor te zorgen dat deze groep van ongeveer 300 kinderen van asielzoekers en hun ouders in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning op basis van het kinderpardon en dit kinderpardon ook toe te passen voor kinderen die onder gemeentelijk toezicht vallen.
Toelichting: Het is inhumaan en niet rechtvaardig om kinderen die jarenlang in Nederland zijn uit te zetten vaak naar een land dat zij niet kennen en waarvan zij de taal niet spreken.
In sommige gemeenten doen zich hele schrijnende situaties voor met kleine kinderen die uitgezet dreigen te worden.
De menselijke maat moet in het asielbeleid leidend zijn. Het gaat hier juist om rechtvaardigheid en humaniteit.
Het is niet uit te leggen dat kinderen die onder het Rijkstoezicht vallen wel in aanmerking voor een verblijfsvergunning op basis van het kinderpardon komen, maar kinderen die onder gemeentelijk toezicht vallen niet. Het gemeentelijk toezicht is in feite niets anders dan het Rijkstoezicht. Deze kinderen zijn steeds in beeld geweest bij de gemeenten.
Zij voelen zich thuis in het dorp of in de wijk waar zij wonen en zij voelen zich thuis in ons land.
Als afgevaardigde van Ede trad Alet op in verschillende kranten en in het late NOS-journaal van 8 mei, eigenlijk het eerste van 9/5.

Er is veel aandacht in de landelijke media voor de positie van deze kwetsbare groep kinderen. Het is mooi dat de ‘Edese’ motie nu wel is aangenomen.
De reactie van Staatssecretaris Teeven geeft nog niet veel reden tot vertrouwen in een goede afloop, maar er is zeker vertrouwen in onze volksvertegenwoordigers en actieve partijgenoten. Laten we dit proces nauwlettend volgen!